Na zestien jaar komt er een einde aan het premierschap van Viktor Orbán, de man die Hongarije naar eigen zeggen omvormde tot een „illiberale democratie”. Péter Magyar (45), leider van oppositiepartij Tisza, staat na zijn overtuigende overwinning voor de zware taak om Hongarije uit de economische malaise te halen, de rechtsstaat te herstellen en de relatie met Brussel te verbeteren. De verwachtingen zijn torenhoog. Magyar kreeg immers voor elkaar wat sinds 2010 niemand lukte: hij kreeg Orbán weg.